Ik ben mijn wachtwoord vergeten

Fokwaarden

Met de inwendige bekkenmaten (hoogte en breedte) van vrouwelijke dieren worden de fokwaarden berekend. Dit kan alleen indien sprake is van stamboekgeregistreerde dieren, dus dieren waar de afstamming van bekend is. De fokwaarden voor de koeien worden aan de veehouder teruggekoppeld via het Bedrijfsoverzicht Binnenbekkenmaten.
Van alle gemeten bekkenmaten per ras worden de fokwaarden voor stieren berekend voor binnenbekkenhoogte en binnenbekkenbreedte. Deze fokwaarden vindt u hier voor BWB en hier voor VRB. Elk jaar worden in mei de fokwaarden geupdate met alle nieuwe metingen die er verricht. Zo krijgen de fokwaarden steeds een grotere betrouwbaarheid en komen er ook steeds meer stieren bij waarvan fokwaarden zijn berekend.
 
Selectie ten behoeve van meer natuurlijke geboorten
Een ruimer bekken zorgt ervoor dat het afkalven gemakkelijk kan verlopen. De bekkenhoogte is meer bepalend voor een natuurlijke geboorte dan de bekkenbreedte. Boven de 20,5 cm inwendige bekkenhoogte neemt de kans op natuurlijke geboorten toe. De fokwaarden maken het mogelijk om gunstige foklijnen te selecteren. Om de kans op natuurlijke geboorten te vergroten is het van belang. om bij de selectie een koe en een stier te gebruiken met een hoge fokwaarde.

Voorbeeld in de praktijk
Wanneer een dier een 1,0 cm grotere bekkenhoogte- of breedte heeft dan de referentiepopulatie (20,5 cm), wordt de fokwaarde weergegeven met +1,0 cm. 
De ouders geven ieder de helft van hun fokwaarde door. Heeft een stier een fokwaarde van +2,0 cm en de moeder een fokwaarde van -1,0 cm voor binnenbekkenhoogte, dan krijgt het kalf een vooruitgang in fokwaarde van +0,5 cm boven het populatiegemiddelde (de helft van de fokwaarde van de stier +1,0 cm en de helft van die van de koe -0,5 cm). Gebaseerd op de genetische aanleg geeft dat naar verwachting dus een binnenbekkenmaat die 1,5 cm groter is dan die van de moeder (de helft van het verschil tussen de fokwaarde van de koe en de stier).
 
Het is het beste om zowel een moeder als een vader met een positieve fokwaarde te kiezen (als dat mogelijk is). Voor de snelste vooruitgang op een bedrijf is het aan te bevelen koeien met de laagste fokwaarden niet meer voor de fokkerij te gebruiken.